De Devin Panhard’s

 

Toen Bill Devin, een autodealer / race enthousiast uit Californië, in de vijftiger jaren de Panhard Junior en vervolgens de DB Le Mans ontdekte zag hij direct de potentie van de Panhard techniek, maar…. het was hem niet goed genoeg. Hij ging daarom zelf aan de slag en bouwde een ladderchassis met een buizenframe, dat gecombineerd werd met een Panhard achteras, een Panhard 750 cc motor/aandrijflijn en een van de DB Le Mans afgeleide glasvezel versterkte polyester carrosserie. Wel werd de motor aangepast, denk daarbij aan een compressor, Norton Manx cilinders en koppen, dubbele ontsteking twee dubbele Weber carburateurs en met riemen aangedreven bovenliggende nokkenassen (Citroën deed dit dit laatste later na bij de GS/GSA).

Op deze wijze werden vermogens van meer dan 80 PK bij 7200 omw/min gehaald en terwijl deze auto’s maar 430 kg wogen. Geen wonder dat veel races gewonnen werden.

De Polyester carrosserie van de auto had, hoewel van de DB/Le Mans afgeleid, toch een geheel eigen gezicht en velen voelden zich er toe aangetrokken. Bill begreep dat en bracht de auto daarom niet alleen als racer, maar ook als gewone sport auto op de markt. Hij leverde naast zelfbouw kits ook complete auto’s af. De sport auto’s waren in het algemeen veel tammer dan de racewagens, want voor de basisversies worden de normale vermogens genoemd (750 cc /38 PK en 850 cc 42PK). Als men dat wilde, kon het overigens ook anders en dan werd de motoriek geheel aan de eisen van de klant aangepast.

Er werden twee modellen geleverd, mechanisch volkomen gelijk maar de ‘Devin Panhard C ‘ had de eerder genoemde van de Le Mans afgeleide carrosserie, de ‘Devin Panhard S’ was voorzien van een door ene Nichols ontworpen, eveneens van glasvezel versterkt polyester vervaardigde carrosserie.

Op 10 mei 1954 werd zo’n sportauto afgeleverd op het vliegveld van Dallas, dat werd, inclusief een korte inspectie en proefrit gefilmd.

In de annalen is terug te vinden dat er in totaal zo’n 15 ‘race’ Devins geleverd werden. Onduidelijk is hoeveel sportauto’s er, al dan niet in kit vorm, werden verkocht.

In de galerij hieronder zijn alle illustraties plus nog een aantal meer te zien, na aanklikken kunt u bladeren en worden de afbeeldingen vergroot zodat u ook teksten kunt lezen.

2 Reacties

  1. Jelle Bethlehem

    Ik heb naast panhard ook norton ook een langeslag dohc manx,de devin motor met de tandriemen en norton cil koppen en klepaansturing intrigeert mij al jaaren.
    Norton verkocht aleen komplete race motoren,om dus een panhard te voorzien van cilinders en koppen moesten er dus 2 nortons aangeschaft worden die in dat tijdsgewricht potentieele granprix winnende motoren zijn.
    Ook een belemmerende factor was je moest als dealer ook nog een rijder met potentie hebben anders werd er nixs geleverd.
    Toen en nu kostbare onderdelen.
    Ik ben begonnen met het lastigste een replica dohc cambox, de huizen zijn gegoten,de tandwiellen gemaakt,mocht iemand nogwat hebben liggen dan hoor ik dat graag.
    Groet jelle Bethlehem

    Antwoord
    • Ries Kruidenier

      Voor zover ik het nu heb begrepen was Bil Devin de man van de aansturing van één bovenliggende nokkenas per cilinder met riemen. Fairchild deed er nog een schepje bovenop, twee nokkenassen per cilinder, maar dan aangedreven met kettingen, zie de verder niet becommentarieerde foto’s op: https://www.panhardclub.nl/fairchild/

      Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.